Fiscaliteit

Aandelenopties voor bedrijfsleiders: welke fiscale impact in 2026?

7 september 2026

Bent u bedrijfsleider en houder van aandelenopties, en vraagt u zich af of de hervorming van de personenbelasting uw fiscale factuur vanaf 2026 zal doen oplopen? Het antwoord: ja, maar in mindere mate dan de tekst van de hervorming zou doen vermoeden. Hieronder leest u waarom.

Manometer met schaalverdeling van 0 tot 6 bar, wijzer op driekwart van de schaal, in zwart-wit.

Een andere sanctie dan die voor werknemers

In tegenstelling tot wat geldt voor werknemers, leidt de overschrijding van de drempel van 20% voor bedrijfsleiders niet tot een niet-aftrekbare afzonderlijke bijdrage van 7,5%. Voor een bedrijfsleider blijft het gevolg beperkt tot het verlies van het verlaagd tarief in de vennootschapsbelasting.

Dat is een belangrijk onderscheid. De wetgever behandelt de verloning van bedrijfsleiders en die van werknemers verschillend, ook al is het berekeningsmechanisme van de drempel van 20% in beide gevallen identiek (op basis van de fiches 281.20 voor bedrijfsleiders).

Voor wie geldt deze sanctie eigenlijk?

Deze sanctie treft enkel vennootschappen die voldoen aan de voorwaarden om te genieten van het verlaagde tarief van 20% op de eerste schijf van 100.000 EUR belastbare winst. Bij overschrijding van de drempel van 20% voor forfaitaire voordelen, wordt die schijf belast aan het gewoon tarief van 25% in plaats van het verlaagd tarief.

Vennootschappen die reeds onderworpen zijn aan het gewone tarief van 25%, zullen dus geen bijkomende fiscale gevolgen ondervinden door deze maatregel. De nieuwe maatregel richt zich voornamelijk op kleinere vennootschappen die in aanmerking komen voor het verlaagde tarief, en waar de verloning van bedrijfsleiders overmatig steunt op forfaitair gewaardeerde voordelen van alle aard in plaats van op een gewone bezoldiging.

Neem het voorbeeld van een bedrijfsleider die zijn activiteiten uitoefent via een managementvennootschap. Om van het verlaagde tarief te genieten, moet die vennootschap voldoen aan alle wettelijke voorwaarden, waaronder de toekenning aan de bedrijfsleider van een minimale jaarlijkse brutobezoldiging van 50.000 EUR (dit bedrag werd vanaf 2026 opgetrokken in het kader van de fiscale hervorming; voordien lag de drempel op 45.000 EUR). Binnen dat kader mogen de forfaitair gewaardeerde voordelen van alle aard niet meer dan 20% van die minimale bezoldiging bedragen, ofwel maximaal 10.000 EUR. Boven dat plafond verliest de vennootschap het verlaagd tarief op de eerste schijf van 100.000 EUR belastbare winst.

Hoeveel kost dit eigenlijk?

Het cijfer om te onthouden: de maximale fiscale meerkost van deze hervorming komt overeen met een tariefverschil van 5% (25% – 20%) toegepast op een belastbare basis begrensd tot 100.000 EUR. Dat komt neer op een maximale bijkomende last van 5.000 EUR in de vennootschapsbelasting, per aanslagjaar.

Dit maximum verandert hoe u het risico moet inschatten. Het gaat niet om een proportionele en onbegrensde last zoals bij werknemers, maar om een vast, vooraf gekend bedrag dat enkel geldt voor vennootschappen die al in aanmerking komen voor het verlaagd tarief.

Moet een bedrijfsleider daarom afzien van aandelenopties?

In de praktijk blijft de financiële impact voor de meeste bedrijfsleiders vrij beperkt. De hervorming doet geen afbreuk aan het nut van aandelenoptieplannen of andere participatiemechanismen op basis van forfaitair gewaardeerde voordelen voor bedrijfsleiders.

Wel vereist de hervorming dat deze nieuwe parameter wordt meegenomen bij het opzetten van de verloning van bedrijfsleiders, in het bijzonder voor kleinere vennootschappen die vandaag ten volle gebruikmaken van het verlaagd tarief in de vennootschapsbelasting. Een aandelenoptieplan dat tot nu toe fiscaal geoptimaliseerd leek, kan in de toekomst dat verlaagd tarief doen verliezen als dit nieuwe plafond niet wordt gerespecteerd.

Hoe een bedrijfsleider op dit risico kan anticiperen

De drempel van 20% wordt een fiscale risico-indicator die u continu moet opvolgen, rekening houdend met de bestaande verloningsstructuur, d.w.z. het totaal van alle voordelen van welke aard dan ook die forfaitair aan de bestuurder worden toegekend, inclusief aandelenopties toegekend door een vennootschap waaraan de bedrijfsleider diensten verleent via zijn eigen managementvennootschap. Dit houdt ook in dat de impact van elke nieuwe toekenning van aandelenopties systematisch tegenover de drempel moet worden beoordeeld, vóór de toekenning plaatsvindt, en niet pas erna.

Voor vennootschappen die ook een participatieplan structureren voor hun teams, ligt de zaak anders. De sanctie voor werknemers is aanzienlijk zwaarder, zoals toegelicht in ons artikel Aandelenopties voor werknemers: het risico van de bijdrage van 7,5%.

FAQ

Betaalt een bedrijfsleider dezelfde bijdrage van 7,5% als een werknemer?

Nee. Voor bedrijfsleiders leidt de overschrijding van de drempel van 20% niet tot de afzonderlijke bijdrage van 7,5%. Het enige gevolg is het verlies van het verlaagd tarief van 20% in de vennootschapsbelasting.

Wat is de maximale kost van deze hervorming voor een bedrijfsleider?

De maximale fiscale meerkost bedraagt 5.000 EUR per aanslagjaar. Dat komt overeen met een tariefverschil van 5% (25% in plaats van 20%) toegepast op de schijf van 100.000 EUR belastbare winst die in aanmerking komt voor het verlaagd tarief.

Zijn alle vennootschappen onderworpen aan deze sanctie?

Nee. Alleen vennootschappen die voldoen aan de voorwaarden voor het verlaagde tarief van 20% van de vennootschapsbelasting zijn hierdoor getroffen. Vennootschappen die reeds onderworpen zijn aan het gewone tarief van 25% ondervinden geen bijkomende fiscale gevolgen.

Wordt de drempel van 20% per bedrijfsleider afzonderlijk beoordeeld?

Nee. De beoordeling gebeurt globaal voor alle bedrijfsleiders samen, op basis van de bezoldigingen vermeld op de fiches 281.20, en niet per bedrijfsleider individueel.

Moet een bedrijfsleider afzien van een aandelenoptieplan door deze hervorming?

Nee, de financiële gevolgen blijven voor de meeste bedrijfsleiders relatief beperkt. De hervorming doet geen afbreuk aan het nut van aandelenoptieplannen, maar vereist wel opvolging van de drempel van 20% om een vermijdbaar verlies van het verlaagde tarief te voorkomen.

WE ARE
Beyond Law Firm

Beyond Law Firm is gespecialiseerd in technologie en digital en helpt innovatieve bedrijven met hun juridische zaken.

Let's talk